ECLI:NL:CRVB:2012:BW7556
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering kinderbijslag wegens niet-verzekerd zijn krachtens de Algemene Kinderbijslagwet
Appellant woont sinds november 1990 met zijn gezin in Marokko en ontving toen een WAO-uitkering die in 2003 werd ingetrokken. De Sociale verzekeringsbank (Svb) weigerde vanaf het eerste kwartaal van 1991 kinderbijslag toe te kennen omdat appellant niet langer verzekerd was op grond van de AKW. Dit werd bevestigd in een eerdere uitspraak van de Raad in 2003.
In 2009 kende het UWV met terugwerkende kracht vanaf 29 december 2003 opnieuw een WAO-uitkering toe. Appellant verzocht daarop opnieuw kinderbijslag, maar de Svb handhaafde de weigering in 2011. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde.
De Raad oordeelt dat appellant sinds zijn vertrek uit Nederland niet verplicht verzekerd is geweest ingevolge de volksverzekeringen omdat hij geen ingezetene was en geen loondienst had in Nederland. Ook op grond van het Besluit uitbreiding en beperking kring verzekerden volksverzekeringen (KB 746) was appellant niet verzekerd, omdat zijn WAO-uitkering minder dan 35% van het minimumloon bedroeg en hij niet voldeed aan de voorwaarden voor de overgangsregeling. Het feit dat hij met terugwerkende kracht een WAO-uitkering kreeg, leidt niet tot verzekering. De Raad bevestigt daarom de weigering van kinderbijslag.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van kinderbijslag omdat appellant niet verzekerd is krachtens de AKW.