ECLI:NL:CRVB:2012:BX3458
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- Rechtspraak.nl
Beëindiging recht op ziekengeld wegens geschiktheid voor laatst verrichte werk als schoolassistent
Appellant, werkzaam als schoolassistent, meldde zich ziek met spanningsklachten per 30 maart 2009. Na medisch onderzoek door verzekeringsarts E. Tolsma en heroverweging door bezwaarverzekeringsarts R.M. de Vink, concludeerde het UWV dat appellant vanaf 2 december 2009 geschikt was voor zijn laatst verrichte werk. Het recht op ziekengeld werd daarop beëindigd.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat de beoordeling van zijn geschiktheid onjuist was, omdat de psychische belasting en verantwoordelijkheden in zijn functie waren onderschat. De Raad oordeelde echter dat het medisch onderzoek zorgvuldig was en dat de psychische belasting in de functie beperkt is, zoals bevestigd door een arbeidsdeskundig rapport.
Gezien de beperkte psychische belasting en de medische constatering van een chronische depressieve stoornis in remissie, achtte de Raad het UWV voldoende gemotiveerd om het recht op ziekengeld te beëindigen. Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit tot beëindiging van het recht op ziekengeld wordt bevestigd.