ECLI:NL:CRVB:2012:BX4880
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging korting AOW-pensioen wegens niet-verzekerde jaren ondanks beroep op Verdrag van Maastricht
Appellant, geboren in Nederland en jarenlang werkzaam voor de Koninklijke Luchtmacht in Duitsland, ontving sinds 1995 een WAO-uitkering. In 2009 kende de Sociale Verzekeringsbank (Svb) hem een AOW-pensioen toe met een korting van 76%, vanwege 38 jaren waarin hij niet verzekerd was voor de AOW.
Appellant stelde dat het Verdrag van Maastricht voorschrijft dat er geen inkomensverschil mag zijn tussen de WAO-uitkering en het AOW-pensioen. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Centrale Raad van Beroep volgde dit oordeel.
De Raad benadrukte dat de AOW een opbouwverzekering is en dat appellant alleen verzekerd was tot het einde van zijn dienstverband bij de Koninklijke Luchtmacht. De Raad vond geen internationaal recht, inclusief het Verdrag van Maastricht, dat de korting onrechtmatig maakt.
De Raad bevestigde daarom de eerdere uitspraak en zag geen reden voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de korting van 76% op het AOW-pensioen wegens 38 niet-verzekerde jaren.