ECLI:NL:CRVB:2012:BX7978
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing WIA-uitkering wegens onvoldoende medische beperkingen
Appellante, werkzaam als helpende C en voedingsassistente, meldde zich ziek met diverse klachten. Het UWV stelde na medisch en arbeidskundig onderzoek vast dat zij geen recht had op een WIA-uitkering. In bezwaar en beroep voerde appellante aan dat haar beperkbaarheid onvoldoende was erkend en dat het UWV niet had gewacht op nader neurologisch onderzoek.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, stellende dat het medisch onderzoek zorgvuldig was en de beperkingen juist waren vastgesteld. De Centrale Raad van Beroep bevestigde dit oordeel, oordeelde dat het UWV terecht de functies passend achtte en zag geen reden tot nader onderzoek door een deskundige.
De Raad overwoog dat alleen objectief medisch vastgestelde beperkingen relevant zijn voor de arbeidsongeschiktheidsbeoordeling en dat de door appellante ervaren klachten onvoldoende onderbouwd waren met medische gegevens. De Raad verklaarde de uitspraak van de rechtbank Amsterdam als bevoegdelijk gedaan en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat appellante geen recht heeft op een WIA-uitkering vanwege voldoende vastgestelde beperkingen en passende functieduiding.