ECLI:NL:CRVB:2012:BX9458
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- Rechtspraak.nl
Geen recht op WIA-uitkering wegens minder dan 35% arbeidsongeschiktheid na zorgvuldig medisch onderzoek
Appellante verzocht om een WIA-uitkering, maar het Uwv wees dit af omdat zij minder dan 35% arbeidsongeschikt werd geacht. Na bezwaar en beroep oordeelde de rechtbank dat het oorspronkelijke besluit onvoldoende medisch was onderbouwd, waarna het Uwv aanvullend onderzoek liet verrichten door verzekeringsartsen, die geen ernstige beperkingen vaststelden.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen het herziene besluit ongegrond, waarbij werd vastgesteld dat de onderzoeken zorgvuldig waren uitgevoerd en dat de beperkingen van appellante, waaronder fibromyalgie, niet zodanig waren dat zij recht gaf op een uitkering. Appellante voerde aan dat haar klachten onvoldoende waren erkend en dat zij een medisch deskundigenonderzoek wenste.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde de uitspraak van de rechtbank en vond geen aanleiding voor aanvullend medisch onderzoek, mede omdat appellante geen nieuwe medische stukken had overgelegd. De Raad oordeelde dat de medische en arbeidskundige beoordelingen zorgvuldig en adequaat waren en dat de functies die appellante geacht werd te kunnen vervullen passend waren.
Uitkomst: Appellante heeft geen recht op een WIA-uitkering omdat zij minder dan 35% arbeidsongeschikt is volgens zorgvuldig medisch onderzoek.