ECLI:NL:CRVB:2012:BY0186
Centrale Raad van Beroep
- Herziening
- T. Hoogenboom
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek herziening WAO-uitspraak wegens ontbreken nieuwe feiten
Verzoeker heeft bij de Centrale Raad van Beroep verzocht om herziening van een uitspraak van 11 november 2010, waarin het beroep tegen de weigering van het UWV om een WAO-uitkering toe te kennen ongegrond werd verklaard. Het verzoek tot herziening is gebaseerd op de stelling dat de eerdere uitspraak onjuist is en dat het UWV fouten heeft gemaakt.
De Raad heeft onderzocht of er feiten of omstandigheden zijn die aan de voorwaarden van artikel 8:88, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht voldoen, namelijk dat deze feiten vóór de uitspraak hebben plaatsgevonden, bij verzoeker niet bekend waren en bij de Raad wel bekend geweest zouden moeten zijn om tot een andere uitspraak te komen. Verzoeker heeft echter niet kunnen aantonen dat dergelijke feiten of omstandigheden bestaan.
De Raad benadrukt dat het rechtsmiddel van herziening niet bedoeld is om een hernieuwde discussie over de zaak of het toegepaste recht te voeren. Omdat niet is voldaan aan de voorwaarden voor herziening, wijst de Raad het verzoek af. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het verzoek om herziening van de WAO-uitspraak wordt afgewezen wegens ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden.