ECLI:NL:CRVB:2012:BY1397
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering na zorgvuldig medisch onderzoek
Appellante, die sinds 1994 een WAO-uitkering ontving wegens psychische en lichamelijke klachten, kreeg haar uitkering ingetrokken per 30 juni 2009 omdat haar arbeidsongeschiktheid was afgenomen tot minder dan 15%. Het UWV verklaarde het bezwaar tegen deze intrekking ongegrond. De rechtbank Utrecht oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd, waarbij de bezwaarverzekeringsarts het rapport van psychiater Leta als betrouwbaar beschouwde. Leta stelde de diagnose ongedifferentieerde somatoforme stoornis, wat door de rechtbank werd onderschreven.
Appellante voerde in hoger beroep aan dat haar behandelaars een depressieve stoornis hadden vastgesteld, wat meer beperkingen zou betekenen dan de diagnose van Leta. Ook stelde zij vragen bij de onafhankelijkheid van psychiater Leta, die in opdracht van het UWV rapporteerde. De Raad overwoog echter dat er geen concrete aanwijzingen waren voor twijfel aan de deskundigheid of onpartijdigheid van Leta en dat de medische grondslag van het besluit deugdelijke was.
Verder werd vastgesteld dat de verklaringen van de behandelaars Overbeek en El Katib pas medio 2010 waren afgegeven, na de datum in geschil, waardoor deze niet relevant waren voor de beoordeling per 30 juni 2009. De Raad concludeerde dat de beperkingen van appellante op die datum adequaat waren vastgesteld en dat er geen aanleiding was tot benoeming van een onafhankelijke deskundige. De intrekking van de WAO-uitkering werd bevestigd.
Uitkomst: De intrekking van de WAO-uitkering per 30 juni 2009 wordt bevestigd vanwege afgenomen arbeidsongeschiktheid en een zorgvuldig medisch onderzoek.