ECLI:NL:CRVB:2012:BY2393
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot herziening bestuursrechtelijke uitspraak UWV
De Centrale Raad van Beroep behandelde een verzoek tot herziening van haar uitspraak van 4 mei 2011 inzake een bestuursrechtelijke zaak tussen verzoeker en het UWV. Verzoeker stelde dat er sprake was van evidente onjuistheid, foutieve uitleg van jurisprudentie, nieuwe feiten en omstandigheden en het niet kunnen uitoefenen van wettelijke bevoegdheden.
Het verzoek werd ondersteund met een rapport van het Instituut Psychosofia. De Raad heeft dit rapport en de aangevoerde gronden zorgvuldig onderzocht, maar concludeerde dat er geen feiten of omstandigheden waren die voldeden aan de criteria van artikel 8:88 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.
De Raad stelde vast dat de nieuwe feiten niet voorafgaand aan de uitspraak bekend waren, noch dat deze tot een andere uitspraak zouden hebben kunnen leiden. Partijen waren niet verschenen op de zitting. De Raad wees het verzoek om herziening af en zag geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
De uitspraak werd gedaan door rechter Ch. van Voorst, in aanwezigheid van griffier H.J. Dekker, en uitgesproken in het openbaar op 7 november 2012.
Uitkomst: Het verzoek om herziening van de bestuursrechtelijke uitspraak wordt afgewezen wegens ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden.