ECLI:NL:CRVB:2012:BY3501
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid van hoger beroep wegens niet tijdige betaling griffierecht
In deze zaak heeft appellant hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Arnhem. De Centrale Raad van Beroep heeft op 14 november 2012 uitspraak gedaan in de zaak met nummer 12/4334 WIA. De Raad heeft vastgesteld dat appellant niet tijdig het verschuldigde griffierecht van € 115,-- heeft betaald. Appellant is bij brief van 16 augustus 2012 op de betalingsverplichting gewezen en kreeg de gelegenheid om het bedrag binnen 28 dagen na verzending van de brief te voldoen. Een tweede herinnering volgde op 18 september 2012, waarin opnieuw werd benadrukt dat het griffierecht tijdig moest worden betaald om inhoudelijke behandeling van het hoger beroep te waarborgen.
De Raad heeft geconcludeerd dat het griffierecht niet binnen de gestelde termijn is betaald en dat er geen reden is om aan te nemen dat appellant niet in verzuim is geweest. Hierdoor is het hoger beroep kennelijk niet-ontvankelijk verklaard. De Raad heeft geen aanleiding gezien voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is openbaar gedaan en ondertekend door de voorzitter Ch. van Voorst en griffier T. Hemelrijk-van den Oudenalder. Tegen deze uitspraak staat voor belanghebbenden en het bestuursorgaan de mogelijkheid open om binnen zes weken schriftelijk verzet aan te tekenen bij de Centrale Raad van Beroep.