ECLI:NL:CRVB:2012:BY3790
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Geen recht op ziekengeld wegens geschiktheid voor eigen arbeid ondanks klachten
Appellant, werkzaam als gastheer, meldde zich op 29 oktober 2010 ziek vanwege schouder- en nekklachten. Op 7 december 2010 concludeerde een verzekeringsarts van het UWV dat appellant geschikt was om zijn werkzaamheden te verrichten. Het UWV weigerde daarop verdere Ziektewetuitkering. Appellant maakte bezwaar, dat ongegrond werd verklaard door het UWV.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en volgde het medisch oordeel dat appellant geschikt was voor zijn arbeid. In hoger beroep handhaafde appellant zijn standpunt en bracht aanvullende medische informatie in, waaronder rapportages van GGZ Delfland en I-psy over psychische klachten.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat deze psychische klachten pas na de datum van 7 december 2010 aanwezig waren en niet tot beperkingen leidden op die datum. Ook de pijnklachten in schouder en arm boden onvoldoende grond voor ongeschiktheid. De Raad bevestigde daarom de eerdere uitspraak dat appellant geen recht heeft op ziekengeld vanaf 7 december 2010.
Uitkomst: Appellant is geschikt voor zijn eigen arbeid en heeft geen recht op ziekengeld vanaf 7 december 2010.