ECLI:NL:CRVB:2012:BY4605
Centrale Raad van Beroep
- Herziening
- R. Kooper
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek om herziening van uitspraak inzake ingangsdatum Wuv-uitkering
Verzoeker heeft bij brief van 26 december 2011 verzocht om herziening van een uitspraak van de Raad van 21 april 2005, waarin de ingangsdatum van hernieuwde toekenningen op grond van de Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940-1945 (Wuv) was vastgesteld op 1 november 2002. De herziening werd gevraagd op grond van het betoog dat verzoeker nog in leven is en dat de uitkering daarom in 1995 niet beëindigd had mogen worden.
De Centrale Raad van Beroep overweegt dat het bijzondere rechtsmiddel van herziening slechts openstaat bij nieuwe feiten of omstandigheden die voor de uitspraak niet bekend waren en die tot een andere uitspraak zouden kunnen leiden. De stelling van verzoeker dat de uitkering niet beëindigd had mogen worden omdat hij nog in leven is, vormt geen nieuw feit of omstandigheid. Ook de eerdere beslissing dat de intrekking van de uitkering in 1995 niet berustte op een wilsgebrek blijft ongewijzigd.
Het verzoek om herziening voldoet niet aan de cumulatieve voorwaarden van artikel 8:88 Awb Pro en wordt daarom afgewezen. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is gedaan door R. Kooper, in aanwezigheid van griffier M.R. Schuurman, op 29 november 2012.
Uitkomst: Het verzoek om herziening van de uitspraak over de ingangsdatum van de Wuv-uitkering wordt afgewezen wegens ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden.