ECLI:NL:CRVB:2012:BY6087
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K. Zeilemaker
- Rechtspraak.nl
Bevestiging indeling arbeidshandicapcategorie matig en geldigheidsduur WSW-indicatie
Appellant was bij besluit van 27 november 2008 ingedeeld in de arbeidshandicapcategorie matig binnen de sociale werkvoorziening (WSW) met een geldigheidsduur van drie jaar. Hij kreeg de indicatie voor begeleid werken in een regulier bedrijf. Tegen deze indeling en de geldigheidsduur maakte appellant bezwaar, dat op 16 april 2009 ongegrond werd verklaard. De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep tegen dit besluit eveneens ongegrond.
Appellant stelde in hoger beroep dat zijn situatie was verslechterd en dat hij niet in staat was arbeid te verrichten, maar onderbouwde dit niet. De Raad baseerde zich op adviezen van een psycholoog, bedrijfsarts en arbeidsdeskundige die bevestigden dat appellant een arbeidsprestatie van meer dan vijftig procent kon leveren. De Raad vond geen aanwijzingen dat deze adviezen onzorgvuldig tot stand waren gekomen.
Ook het bezwaar tegen het advies begeleid werken werd als niet-ontvankelijk verklaard, omdat dit advies geen besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht is. De Centrale Raad van Beroep bevestigde de eerdere uitspraak en wees het hoger beroep af. Een proceskostenveroordeling werd niet opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de indeling in de arbeidshandicapcategorie matig met geldigheidsduur van drie jaar wordt bevestigd.