ECLI:NL:CRVB:2012:BY7898

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
14 december 2012
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
11-5137 WAO
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
  • T. Hoogenboom
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging weigering WAO-uitkering en afwijzing schadevergoeding

Appellant had tot 28 juni 2005 aanspraak op een WAO-uitkering en verzocht op 30 december 2009 om heropening van deze uitkering. Het UWV weigerde op 10 mei 2010 de toekenning van een WAO-uitkering, en verklaarde het bezwaar van appellant ongegrond bij besluit van 8 november 2010.

De rechtbank verklaarde het beroep tegen dit besluit ongegrond en wees het verzoek om schadevergoeding af, met de overweging dat het UWV zorgvuldig onderzoek had verricht. In hoger beroep voerde appellant dezelfde gronden aan, waaronder toegenomen klachten en ADL-afhankelijkheid, en stelde dat het UWV onvoldoende medisch onderzoek had gedaan.

De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het UWV de klachten niet had onderschat en dat appellant geen medische gegevens had overgelegd die twijfel konden zaaien over de deugdelijkheid van het onderzoek. Daarom werd het bestreden besluit bevestigd en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.

Uitkomst: Het verzoek om toekenning van de WAO-uitkering en schadevergoeding wordt afgewezen en het bestreden besluit bevestigd.

Uitspraak

11/5137 WAO
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak op het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Breda van 20 juli 2011, 10/5408 (aangevallen uitspraak)
Partijen:
[A. te B. ] (appellant)
de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv)
Datum uitspraak: 14 december 2012
Zitting heeft: T. Hoogenboom
Griffier: G.J. van Gendt
Ter zitting zijn partijen - met voorafgaand bericht - niet verschenen.
BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep bevestigt de aangevallen uitspraak en wijst het verzoek om toewijzing van schadevergoeding af.
Deze beslissing is uitgesproken in het openbaar. Zij is gebaseerd op de volgende overwegingen.
1. Appellant heeft laatstelijk tot 28 juni 2005 aanspraak gehad op een uitkering op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsuitkering (Wao). Appellant heeft op 30 december 2009 verzocht om heropening van zijn uitkering. Bij besluit van 8 november 2010 (bestreden besluit) heeft het Uwv het door appellant tegen het besluit van 10 mei 2010 gemaakte bezwaar ongegrond verklaard. Bij het besluit van 10 mei 2010 heeft het Uwv geweigerd om aan appellant een Wao-uitkering toe te kennen.
2. De rechtbank heeft het beroep tegen het bestreden besluit ongegrond verklaard en appellants verzoek om schadevergoeding afgewezen. De rechtbank heeft overwogen dat het onderzoek door het Uwv, zorgvuldig is geweest.
3. In hoger beroep heeft appellant gelijke gronden aangevoerd als hij in eerste aanleg heeft gedaan. Zij strekken alle ten betoge dat de rechtbank ten onrechte het bestreden besluit in stand heeft gelaten. Appellant heeft er op gewezen dat zijn klachten zijn toegenomen, dat hij adl-afhankelijk is geworden en dat het Uwv onvoldoende medisch onderzoek heeft gedaan. Ook in hoger beroep heeft appellant gevraagd om toekenning van schadevergoeding.
4. De rechtbank heeft terecht en op de juiste gronden geoordeeld dat het Uwv bij de vaststelling van de beperkingen de klachten van appellant niet heeft onderschat dan wel hiermee onvoldoende rekening heeft gehouden. Ook in hoger beroep heeft appellant geen medische gegevens naar voren gebracht, die twijfel oproepen over de deugdelijkheid van de aan het bestreden besluit ten grondslag gelegde onderzoeken.
5. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Waarvan proces-verbaal.
De griffier De voorzitter
(getekend) G.J. van Gendt (getekend) T. Hoogenboom