ECLI:NL:CRVB:2013:1255
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R. Kooper
- Rechtspraak.nl
Beoordeling afwijzing verzoek tot bevordering tot senior medewerker falsificaten
Appellant was sinds 1 november 2006 medewerker falsificaten bij de Koninklijke Marechaussee met de rang wachtmeester der eerste klasse. Op 19 december 2010 verzocht hij om terugwerkende bevordering tot senior medewerker falsificaten per 1 januari 2007, onderbouwd met toezeggingen van leidinggevenden.
De minister wees dit verzoek af omdat er geen sprake was van een herwaardering van de functie of duidelijke toezeggingen. Appellant maakte bezwaar, dat eveneens werd afgewezen. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde.
De Raad oordeelde dat appellant tot het moment van het verzoek berustte in zijn rang en dat het verzoek neerkomt op terugkomen op een onherroepelijk besluit. Voor de periode vóór het verzoek is geen nieuw feit of veranderde omstandigheid aangevoerd, zodat de afwijzing standhoudt. Voor de periode na het verzoek is een zorgvuldige belangenafweging gemaakt, waarbij geen sprake is van een hogere functie of duidelijke toezeggingen.
Het beroep op het vertrouwensbeginsel en gelijkheidsbeginsel faalt omdat er geen ondubbelzinnige toezeggingen zijn gedaan en de situatie van een collega anders was. Het hoger beroep wordt afgewezen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het verzoek tot bevordering tot senior medewerker falsificaten wordt afgewezen en de aangevallen uitspraak bevestigd.