ECLI:NL:CRVB:2013:1385
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.J. de Mooij
- W.H. Bel
- G. van Zeben-de Vries
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens niet tijdig indienen beroepschrift
Het hoger beroep betreft een geschil tussen het college van burgemeester en wethouders van Son en Breugel en een betrokkene, waarbij het hoger beroep is ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank 's-Hertogenbosch van 11 oktober 2011.
De aangevallen uitspraak werd op 13 oktober 2011 aan partijen toegezonden. Het beroepschrift werd echter pas op 25 november 2011 ingediend, per fax. De Raad heeft geoordeeld dat de wettelijke termijn voor het indienen van het beroepschrift zes weken bedraagt, ingaand op de dag na de toezending van de uitspraak, dus vanaf 14 oktober 2011. De termijn eindigde daarmee op 24 november 2011 om 23:59 uur.
Omdat het beroepschrift op 25 november 2011 werd ontvangen, is het niet tijdig ingediend. De Raad verwierp het verweer van appellant dat het beroepschrift binnen 43 dagen was ingediend, omdat dit in strijd is met de toepasselijke wettelijke bepalingen. Er was geen sprake van verschoonbare termijnoverschrijding, zodat het hoger beroep niet-ontvankelijk werd verklaard.
De beslissing werd uitgesproken door de meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 24 juli 2013, waarbij de voorzitter H.J. de Mooij en leden W.H. Bel en G. van Zeben-de Vries betrokken waren.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet tijdige indiening van het beroepschrift.