ECLI:NL:CRVB:2013:1807
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J. Kraan
- H.L.C. Hermans
- C.H. Bangma
- Rechtspraak.nl
Onvoorwaardelijk ontslag wegens ernstig plichtsverzuim van buitengewoon opsporingsambtenaar
Appellant, buitengewoon opsporingsambtenaar bij de gemeente Amsterdam, werd onvoorwaardelijk ontslagen wegens ernstig plichtsverzuim. Dit plichtsverzuim bestond uit drie hoofdzaken: afwezigheid op drie dagen zonder geldige verklaring, het structureel onjuist verwerken van meer gewerkte cursus- en overuren dan waarop recht bestond in de urenadministratie, en het zonder toestemming starten met een opleiding waarvan de kosten ten laste van het bestuur zouden komen.
De Raad oordeelde dat appellant voldoende was geïnformeerd over het nieuwe dienstrooster en dat zijn afwezigheid op de betreffende dagen terecht als plichtsverzuim werd aangemerkt. Ook werd vastgesteld dat het dagelijks bestuur over voldoende bewijs beschikte om het onjuiste urenadministratiegedrag te concluderen, en dat de aanmelding voor de opleiding zonder toestemming eveneens plichtsverzuim vormde.
Gezamenlijk vormden deze feiten ernstig plichtsverzuim, rechtvaardigend het onvoorwaardelijk ontslag. De Raad vond de opgelegde straf niet onevenredig gezien de zelfstandige functie en de eisen van integriteit. Daarnaast werd appellant een schadevergoeding van €500 toegekend wegens overschrijding van de redelijke termijn in de bezwaar- en beroepsfase.
Uitkomst: Het onvoorwaardelijk ontslag wegens ernstig plichtsverzuim wordt bevestigd en appellant ontvangt een schadevergoeding van €500 wegens termijnoverschrijding.