ECLI:NL:CRVB:2013:1808
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering persoonsgebonden budget wegens niet-verantwoording
Appellante ontving een persoonsgebonden budget (pgb) voor huishoudelijke hulp, dat zij voor 2009 niet kon verantwoorden met zorgovereenkomsten of betalingsbewijzen. Het college trok daarom het pgb voor 2009 in en vorderde het betaalde bedrag terug. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en oordeelde dat het college bevoegd was en niet onredelijk had gehandeld.
In hoger beroep voerde appellante aan dat zij het pgb daadwerkelijk aan huishoudelijke hulp had besteed en dat haar hulp zwart betaald wilde worden vanwege haar uitkeringssituatie. De Raad stelde vast dat appellante niet aan haar verantwoordingsplicht had voldaan, ondanks duidelijke instructies en verzoeken van het college.
De Raad bevestigde dat het college het pgb terecht had ingetrokken en teruggevorderd, en dat de hardheidsclausule niet van toepassing was omdat appellante geen financiële nood had aangetoond. De Raad wees het hoger beroep af en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Wel werd toegezegd dat de betaalde eigen bijdrage in mindering wordt gebracht op de terugvordering.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de intrekking en terugvordering van het pgb bevestigd.