Uitspraak
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- bevestigt de aangevallen uitspraak voor zover aangevochten;
- veroordeelt appellant in de proceskosten van betrokkene tot een bedrag van € 944,-;
- bepaalt dat van appellant een griffierecht van € 454,- wordt geheven.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Centrale Raad van Beroep
Betrokkene, sinds 2000 in Nederland en sinds 2008 arbeidsongeschikt na een ongeval, ontving een WGA-uitkering met een arbeidsongeschiktheidspercentage van 48%. De rechtbank stelde het arbeidsongeschiktheidspercentage bij uitspraak op 80-100% vanwege ondeugdelijke arbeidskundige onderbouwing van het UWV-besluit.
De rechtbank oordeelde dat twee van vier geselecteerde functies (medewerker klantenservice en teamondersteuner) ongeschikt waren vanwege onvoldoende beheersing van de Nederlandse taal en functionele beperkingen. Het UWV ging hiertegen in hoger beroep en stelde dat betrokkene de taal voldoende beheerst.
De Raad bevestigde echter het oordeel van de rechtbank. Uit rapportages bleek dat betrokkene niet voldoet aan de taaleisen van de functies, die zwaarder zijn dan bij zijn laatste werk. De Raad vond de constatering van onvoldoende spreekvaardigheid geloofwaardig en wees het hoger beroep af.
De Raad veroordeelde het UWV tot betaling van proceskosten aan betrokkene. Hiermee blijft het arbeidsongeschiktheidspercentage van 80-100% gehandhaafd, wat leidt tot een hogere WGA-uitkering.
Uitkomst: Het hoger beroep van het UWV wordt afgewezen en het arbeidsongeschiktheidspercentage van betrokkene blijft 80-100%.