ECLI:NL:CRVB:2013:2350
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R. Kooper
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag Wubo wegens ontbreken van zeer bijzondere omstandigheden
Appellante, geboren in Nederlands-Indië en getroffen door oorlogsgeweld tijdens de Bersiap-periode, diende een aanvraag in op grond van de Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers 1940-1945 (Wubo). Haar aanvraag werd afgewezen omdat zij niet de Nederlandse nationaliteit bezit en er geen zeer bijzondere omstandigheden waren die toepassing van de anti-hardheidsclausule rechtvaardigen.
De Raad beoordeelde het beleid van verweerder omtrent de toepassing van de Wubo, waarbij verweerder onderscheid maakte tussen vier criteria (A-D) voor bijzondere omstandigheden. De Raad oordeelde dat het beleid deels onjuist was gemotiveerd en vernietigde het besluit op dat punt. Verweerder had daarna het beleid aangepast in lijn met de jurisprudentie.
Toepassing van het nieuwe beleid leidde tot de conclusie dat appellante niet voldeed aan de criteria voor zeer bijzondere omstandigheden. Hoewel zij ernstige klachten heeft, zijn deze niet van dien aard dat zij recht geeft op een uitkering. De sociale en financiële situatie was schrijnend, maar niet gebaseerd op ernstig oorlogsleed. De Raad verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het besluit, maar bepaalde dat de rechtsgevolgen van het besluit in stand blijven.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit vernietigd, maar de rechtsgevolgen van het besluit blijven in stand.