ECLI:NL:CRVB:2013:2449
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- Rechtspraak.nl
Bevestiging schriftelijke berisping wegens weigering deelname fietstocht buiten werktijd
Appellant werd door zijn leidinggevende opgedragen deel te nemen aan een organisatiebrede fietstocht op een vrijdagmiddag, waarbij deelname als werk werd aangemerkt. Appellant weigerde zonder gegronde reden deel te nemen, omdat hij de activiteit niet als werk beschouwde en deze buiten zijn werktijd viel.
Het college legde hem daarop een schriftelijke berisping op. Bij besluit werden de bezwaren van appellant tegen deze maatregel ongegrond verklaard. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant tegen dit besluit ongegrond.
In hoger beroep oordeelt de Centrale Raad van Beroep dat het college terecht de fietstocht als werk heeft aangemerkt en dat het dienstbelang bij maximale deelname zwaarwegend was. De raad stelt dat het college bevoegd was om appellant te verplichten buiten werktijd deel te nemen, zoals ook blijkt uit artikel 15:1:10, tweede lid, van de CAR/UWO. Er is geen sprake van willekeur of onzorgvuldig handelen door het college.
Omdat appellant geen nieuwe beroepsgronden tegen de berisping aanvoerde, wordt het hoger beroep ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De schriftelijke berisping wegens weigering deel te nemen aan de fietstocht wordt bevestigd.