ECLI:NL:CRVB:2013:2639
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering teveel betaalde AIO-aanvulling bij nabetaling AOV-pensioen
De zaak betreft de terugvordering van een teveel betaalde aanvullende inkomensvoorziening ouderen (AIO-aanvulling) aan de erven van betrokkene, die na verhuizing van Curaçao naar Nederland AOW en AIO ontving. De Sociale Verzekeringsbank (Svb) had vastgesteld dat betrokkene een nabetaling van het AOV-pensioen had ontvangen, welke als inkomen in de zin van de WWB op de bijstandsnorm in mindering moest worden gebracht.
De rechtbank had het beroep van appellanten tegen de terugvordering ongegrond verklaard. In hoger beroep voerden appellanten aan dat uit bankafschriften bleek dat betrokkene geen AOV-pensioen had ontvangen in de betreffende periode en dat de Svb niet bevoegd was tot terugvordering. De Raad oordeelde dat de nabetaling op 3 september 2009 door de Svb NA was bevestigd en dat de AIO-aanvulling in de periode ook daadwerkelijk was uitbetaald.
Verder vond de Raad dat appellanten onvoldoende hadden onderbouwd waarom de Svb niet bevoegd was tot verrekening met terugwerkende kracht en waarom het terugvorderingsbedrag onjuist zou zijn. Het verzoek om schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn werd afgewezen omdat de procedure binnen vier jaar was afgerond.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde daarmee het bestreden besluit en wees het verzoek tot schadevergoeding af.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de terugvordering van € 2.763,90 teveel betaalde AIO-aanvulling en wijst het verzoek om schadevergoeding af.