Uitspraak
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- verklaart het beroep gegrond en vernietigt het bestreden besluit;
- bepaalt dat het Uwv een nieuw besluit neemt met inachtneming van de uitspraak van de
Centrale Raad van Beroep
Appellant ontving sinds september 2000 een volledige WAO-uitkering wegens acute leukemie. Het UWV stelde in 2007 de arbeidsongeschiktheid vast op 35-45% met een urenbeperking van 40 uur per week. Appellant maakte bezwaar, dat werd afgewezen. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond en bepaalde een urenbeperking van 25 uur per week, gebaseerd op rapporten van een door de rechtbank ingeschakelde internist-hematoloog.
In hoger beroep stelde appellant dat hij slechts 2-3 uur per dag belastbaar was en dat zijn conditie door recidiverende luchtweginfecties en vermoeidheid sterk wisselde. Het UWV voerde aan dat het oordeel van de deskundige tegenstrijdig was en onvoldoende gemotiveerd. De Raad benoemde een onafhankelijke deskundige, prof. dr. L. Abraham-Inpijn, die een uitgebreid onderzoek verrichtte en concludeerde dat appellant maximaal 4 uur per dag en 20 uur per week belastbaar was, met aanvullende beperkingen ten aanzien van temperatuurverschillen en blootstelling aan virale/bacteriële risico's.
De Raad oordeelde dat het oordeel van de onafhankelijke deskundige in beginsel moet worden gevolgd en dat het bestreden besluit onvoldoende medische onderbouwing bevatte. De rechtbank had ten onrechte een urenbeperking van 25 uur vastgesteld en het UWV opgedragen een nieuw besluit te nemen op die basis. De Raad vernietigde de uitspraak van de rechtbank en bepaalde dat het UWV een nieuw besluit moet nemen met inachtneming van de beperkingen zoals vastgesteld door de deskundige Abraham-Inpijn. Tevens werd het UWV veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het UWV moet een nieuw besluit nemen met een maximale arbeidsbelasting van 20 uur per week en aanvullende medische beperkingen.