ECLI:NL:CRVB:2013:759
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- R. Kooper
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag toeslag en voorzieningen op grond van de Wubo wegens ontbreken blijvende invaliditeit
Appellant, geboren in 1946 in het toenmalig Nederlands-Indië, diende in juli 2011 een aanvraag in voor een toeslag en periodieke uitkering op grond van de Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers 1940-1945 (Wubo). Verweerder erkende dat appellant is getroffen door oorlogsgeweld, maar wees de aanvraag af omdat er geen sprake zou zijn van blijvende invaliditeit door dat oorlogsgeweld.
De Raad beoordeelde of verweerder op goede gronden tot dit oordeel was gekomen. De geneeskundig adviseurs concludeerden dat de psychische klachten van appellant voortkomen uit affectieve verwaarlozing in zijn jeugd en niet door het oorlogsgeweld. Ook lichamelijke klachten, zoals aan de luchtwegen, zijn volgens hen niet oorlogsgerelateerd.
De Raad vond het bestreden besluit deugdelijk voorbereid en voldoende gemotiveerd. Er waren geen aanwijzingen dat de psychische klachten van appellant onterecht aan zijn jeugd en gezinssituatie werden toegeschreven. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de aanvraag op grond van de Wubo wordt ongegrond verklaard.