ECLI:NL:CRVB:2013:BY7896
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens niet tijdige betaling griffierecht
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank 's-Gravenhage. De Centrale Raad van Beroep heeft vastgesteld dat het griffierecht van €115,- niet binnen de gestelde termijn is voldaan, ondanks meerdere herinneringen en waarschuwingen aan appellante.
Op grond van artikel 22 van Pro de Beroepswet wordt van de indiener van het beroepschrift een griffierecht geheven. Omdat redelijkerwijs niet kan worden geoordeeld dat appellante niet in verzuim is geweest, verklaart de Raad het hoger beroep kennelijk niet-ontvankelijk zonder inhoudelijke behandeling.
De Raad overweegt bovendien dat het hoger beroep ook niet-ontvankelijk verklaard had kunnen worden wegens het ontbreken van de gronden van het hoger beroep in het beroepschrift en het niet herstellen van dit verzuim binnen de gestelde termijn.
De uitspraak is gedaan door voorzitter Ch. van Voorst, met griffier A.J.T.M. Bruijnis-Vermeulen, en is openbaar uitgesproken op 2 januari 2013. Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken schriftelijk verzet worden ingesteld.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet tijdige betaling van het griffierecht.