ECLI:NL:CRVB:2013:BZ1211
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T.L. de Vries
- E.J. Govaers
- L.J.A. Damen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging verlaging partnertoeslag AOW ondanks dubbele korting wegens onverzekerde jaren
Appellant ontvangt sinds juli 2011 een AOW-pensioen met een partnertoeslag die is gekort vanwege onverzekerde jaren van zijn echtgenote. Vervolgens is de partnertoeslag opnieuw verlaagd met 10% op grond van artikel 12, eerste lid, van de AOW, die de toeslag afhankelijk stelt van het gezamenlijke inkomen van appellant en zijn partner.
Appellant betoogt dat deze dubbele korting onterecht is, omdat de Eerste en Tweede Kamer niet op de hoogte waren van de financiële gevolgen voor personen in zijn situatie en dat de verwijzing naar artikel 13 in Pro artikel 12 zonder Pro kennisgeving is toegevoegd. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Raad bevestigt dit oordeel.
De Raad oordeelt dat de parlementaire geschiedenis aantoont dat de Kamerleden wel degelijk op de hoogte waren van de toepassing van artikel 12 na Pro artikel 13, en dat de wetgever bewust heeft gekozen voor deze systematiek. Het argument dat de wet onbillijk is, wordt verworpen omdat de rechter niet mag toetsen aan de billijkheid van de wet.
Het hoger beroep wordt daarom afgewezen en de verlaging van de partnertoeslag blijft van kracht. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De verlaging van de partnertoeslag op grond van artikel 12, eerste lid, AOW wordt bevestigd.