ECLI:NL:CRVB:2013:BZ1325
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T. Hoogenboom
- Rechtspraak.nl
Geen recht op WIA-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid na zorgvuldig medisch onderzoek
Appellant heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van het UWV waarin werd vastgesteld dat hij per 31 mei 2010 geen recht heeft op een WIA-uitkering omdat zijn arbeidsongeschiktheid minder dan 35% bedraagt. De rechtbank heeft dit besluit bevestigd en appellant is in hoger beroep gegaan met het argument dat zowel zijn lichamelijke als psychische beperkingen zijn onderschat en dat de medicatie die hij gebruikt hem belemmert in het bedienen van machines.
De Centrale Raad van Beroep heeft geoordeeld dat het UWV het besluit heeft gebaseerd op een zorgvuldig medisch onderzoek, waarbij de bezwaarverzekeringsarts het dossier heeft bestudeerd en aanvullende informatie heeft ingewonnen bij behandelend specialisten. De arts heeft vastgesteld dat de medicatie Tramadol en Lyrica weliswaar het reactievermogen kan verminderen, maar niet in die mate dat het bedienen van gevaarlijke machines onmogelijk wordt.
Daarnaast is vastgesteld dat de arbeidskundige beoordeling de functies passend acht bij de krachten en bekwaamheden van appellant. De bezwaren tegen de functie van machinebediende zijn voldoende besproken en gemotiveerd. Er is geen aanleiding om een medisch deskundige te raadplegen. Het hoger beroep wordt daarom verworpen en de eerdere uitspraak bevestigd. Een verzoek om schadevergoeding wegens ten onrechte niet uitbetaalde uitkering wordt afgewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit dat appellant geen recht heeft op een WIA-uitkering wordt bevestigd.