ECLI:NL:CRVB:2013:BZ2657
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R. Kooper
- B.J. van de Griend
- A.A.M. Mollee
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ontslag wegens doorgaand agressief plichtsverzuim en schorsing gerechtvaardigd
Appellant was sinds 2004 werkzaam bij de gemeente Rotterdam en vertoonde herhaaldelijk agressief gedrag jegens collega's en derden. Na meerdere waarschuwingen en opgelegde disciplinaire straffen weigerde hij een agressietraining te volgen. Op 19 maart 2010 vertoonde appellant opnieuw agressief gedrag, wat leidde tot onmiddellijke schorsing en uiteindelijk onvoorwaardelijk ontslag wegens doorgaand ernstig plichtsverzuim.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen de schorsing niet-ontvankelijk, maar de Centrale Raad van Beroep vernietigde dit oordeel en oordeelde dat de schorsing als ordemaatregel een zelfstandige betekenis heeft en gerechtvaardigd was vanwege het belang van de dienst en het lopende onderzoek.
De Raad vond de verklaringen van vijf (ex-)medewerkers en een burger over het incident op 19 maart 2010 betrouwbaar en aannemelijk. Appellant kon de agressieve gedragingen niet ontkennen en zijn eigen verklaringen waren tegenstrijdig. Het college had terecht geconcludeerd dat het ontslag proportioneel en gerechtvaardigd was.
De Raad veroordeelde het college tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellant. De uitspraak bevestigt het ontslag en verklaart het beroep tegen de schorsing ongegrond.
Uitkomst: Het ontslag van appellant wegens doorgaand agressief plichtsverzuim wordt bevestigd en de schorsing wordt als gerechtvaardigd beoordeeld.