ECLI:NL:CRVB:2013:BZ4103
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening bij disciplinair ontslag wegens verduistering in dienstbetrekking
Verzoeker, een ambtenaar werkzaam bij het Universitair Medisch Centrum Groningen, werd ontslagen wegens verduistering van contant geld, geconstateerd via camerabeelden. Na bezwaar en een advies van de geschillenadviescommissie bleef het ontslag in stand. Verzoeker stelde hoger beroep in en vroeg om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de beelden duidelijk lieten zien dat verzoeker contant geld buiten de kassa hield en dit verduisterde. Verzoekers beroep op vergeetachtigheid en ontkenning werd niet gevolgd, mede omdat medisch onderzoek geen neurologische geheugenstoornis aantoonde. Het plichtsverzuim werd als ernstig beoordeeld en verzoekers weigering tot medisch onderzoek werkte in zijn nadeel.
Gezien de ernst van het plichtsverzuim en de bewijsvoering achtte de voorzieningenrechter het niet aannemelijk dat het ontslag in de bodemprocedure zou worden vernietigd. Daarom werd het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen en het ontslag blijft in stand.