ECLI:NL:CRVB:2013:BZ4299
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.Th. Wolleswinkel
- H.C.P. Venema
- K.J. Kraan
- Rechtspraak.nl
Bevestiging dat dienstverband niet is omgezet in aanstelling voor onbepaalde tijd
Appellante was van 1 september 2004 tot 1 september 2010 werkzaam bij de Universiteit Leiden op basis van drie opeenvolgende tijdelijke aanstellingen. De eerste aanstelling was gebaseerd op een specifieke grondslag, terwijl de tweede en derde aanstellingen volgens het CvB en de Raad op een algemene grondslag rusten.
Appellante stelde dat haar dienstverband per 1 september 2009 geacht moest worden te zijn omgezet in een dienstverband voor onbepaalde tijd, omdat de tijdelijke aanstellingen feitelijk dezelfde grondslag hadden, namelijk tijdelijk beschikbare financiële middelen. Het CvB handhaafde het besluit dat geen omzetting had plaatsgevonden, mede gelet op de maximale duur van zes jaar die geldt voor aanstellingen op algemene grondslag.
De rechtbank oordeelde dat de tweede en derde aanstellingen als algemene grondslag moeten worden beschouwd en dat de maximale duur van zes jaar niet was overschreden. De Raad bevestigt dit oordeel en stelt dat de latere CAO’s geen onderscheid meer maken tussen specifieke en algemene grondslagen, waardoor aansluiting bij de systematiek van de opvolgende CAO’s passend is.
De Raad concludeert dat het dienstverband van appellante niet is omgezet in een aanstelling voor onbepaalde tijd en verklaart het hoger beroep ongegrond. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het dienstverband van appellante is niet omgezet in een aanstelling voor onbepaalde tijd.