ECLI:NL:CRVB:2013:BZ5145
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J. Kraan
- B.J. van de Griend
- C.H. Bangma
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-omzetting tijdelijke aanstelling in vaste aanstelling wegens onvoldoende functioneren
Appellant was tijdelijk aangesteld bij gedeputeerde staten van Flevoland met de intentie tot een vaste aanstelling bij positieve beoordeling. Na evaluaties en gesprekken werd het functioneren van appellant als onvoldoende beoordeeld, waarna gedeputeerde staten besloten de tijdelijke aanstelling niet om te zetten in een vaste aanstelling en het dienstverband te beëindigen.
Appellant voerde aan dat onvoldoende rekening was gehouden met ziekte en inwerkperiode, dat de gespreksverslagen niet ondertekend waren en dat er geen verbetertraject was gevolgd. De Raad oordeelde dat het bezwaar niet gericht was tegen de beoordelingsbeslissing en dat deze onaantastbaar was geworden. De toetsing van het besluit was terughoudend en richtte zich op de redelijkheid van het oordeel van gedeputeerde staten.
De Raad vond de gespreksverslagen en beoordelingen consistent en niet onjuist, en stelde vast dat appellant voldoende gelegenheid had gekregen om zich te bewijzen ondanks ziekte en inwerkproblemen. Gezien de beperkte resterende tijd was het redelijk dat gedeputeerde staten het coachingstraject niet voortzetten. Er bestond geen verplichting tot verlenging of omzetting in een vaste aanstelling. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: De tijdelijke aanstelling van appellant wordt niet omgezet in een vaste aanstelling wegens onvoldoende functioneren.