ECLI:NL:CRVB:2013:BZ5906
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- K. Zeilemaker
- B.J. van de Griend
- Rechtspraak.nl
Beoordeling terugvordering Wsw-uitkering wegens onderrealisatie en gelijkheidsbeginsel
De zaak betreft hoger beroep tegen besluiten van de staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid die een terugvordering instelden wegens onderrealisatie van arbeidsjaren in de gemeente Purmerend. De Wsw-uitkering voor 2010 was vastgesteld op basis van verantwoordingsgegevens die het college van Purmerend betwistte met een hoger aantal geïndiceerden.
De rechtbank had de besluiten vernietigd op grond van schending van het gelijkheidsbeginsel, omdat slechts enkele gemeenten de mogelijkheid kregen om nadere informatie aan te leveren. De staatssecretaris voerde in hoger beroep aan dat de verantwoordingsplicht van alle gemeenten gehandhaafd bleef en dat de beperkte correctietermijn een buitenwettelijk begunstigend beleid betrof dat consistent was toegepast.
De Raad oordeelt dat het beleid van de staatssecretaris niet op redelijkheid kan worden getoetst, maar wel op consistentie, en dat geen sprake was van ongelijke behandeling. De gemeente Purmerend viel niet binnen de groep gemeenten die voor nadere bevraging in aanmerking kwam. Verder mocht de staatssecretaris na het verstrijken van de redelijke correctietermijn uitgaan van de juistheid van de op 15 juli 2009 verstrekte verantwoordingsinformatie.
Het hoger beroep van de staatssecretaris wordt gegrond verklaard, dat van het college ongegrond. De bestreden besluiten worden gehandhaafd en de uitspraak van de rechtbank vernietigd.
Uitkomst: De beroepen van het college worden ongegrond verklaard en de bestreden besluiten van de staatssecretaris gehandhaafd.