ECLI:NL:CRVB:2013:BZ5915
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T. Hoogenboom
- E.J. Govaers
- K. Wentholt
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WIA-uitkering en terugvordering voorschot ondanks verslavingsproblematiek
Appellant meldde zich ziek op 28 juni 2007 vanwege verslavingsproblematiek en vroeg een WIA-uitkering aan. Na onderzoek door verzekeringsartsen en arbeidskundig onderzoek werd vastgesteld dat zijn arbeidsongeschiktheidspercentage minder dan 35% bedroeg. Het UWV weigerde daarom de uitkering per 25 juni 2009 en vorderde het eerder betaalde voorschot terug.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, oordelend dat de medische beoordeling deugdelijk was en dat appellant geen nieuwe medische gegevens had aangeleverd die het oordeel konden ondermijnen. Appellant voerde in hoger beroep aan dat het onderzoek plaatsvond in een periode van tijdelijke verbetering en dat hij vanwege afspraken met de Jellinek kliniek niet kon werken.
De Raad concludeerde dat de verslavingsproblematiek wel degelijk was meegenomen in de beoordeling en dat de rapportages van de verzekeringsartsen alle relevante informatie bevatten, inclusief de contacten met de Jellinek kliniek. Er was geen sprake van opname of omstandigheden die een urenbeperking rechtvaardigen. De terugvordering van het voorschot was rechtmatig, omdat geen dringende reden bestond om hiervan af te zien.
De Raad wees ook het argument van appellant af dat hij schade had geleden door de voorschotregeling, omdat dit niet in bezwaar was aangevoerd. De aangevallen uitspraak werd bevestigd en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de WIA-uitkering per 25 juni 2009 en de rechtmatigheid van de terugvordering van het voorschot.