ECLI:NL:CRVB:2013:BZ6874
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WIA-uitkering en terugvordering voorschot door UWV
Appellant, werkzaam als metselaar, meldde zich ziek vanwege knieklachten na een val. Het UWV stelde vast dat appellant geen recht had op een WIA-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid. Tevens werd een eerder verstrekt voorschot op de WIA-uitkering teruggevorderd omdat appellant geen recht had op de uitkering.
De rechtbank verklaarde de beroepen van appellant tegen deze besluiten ongegrond. De medische en arbeidskundige onderzoeken van het UWV werden als voldoende onderbouwd beoordeeld. De rechtbank wees erop dat re-integratie en vaststelling van arbeidsongeschiktheid gescheiden trajecten zijn.
In hoger beroep voerde appellant met name bezwaar tegen de vastgestelde belastbaarheid en de terugvordering van een bruto bedrag. De Raad zag geen aanleiding het oordeel van de rechtbank te wijzigen, ook omdat appellant geen nieuwe medische gegevens had overgelegd. De Raad bevestigde dat het UWV terecht het voorschot terugvorderde en wees op het bewustzijn van appellant over de terugbetalingsverplichting.
De Raad wees proceskostenveroordeling af en bevestigde de aangevallen uitspraak in het openbaar op 10 april 2013.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellant wordt ongegrond verklaard en de weigering van de WIA-uitkering en terugvordering van het voorschot door het UWV worden bevestigd.