ECLI:NL:CRVB:2013:BZ7041
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek verhuis- en inrichtingskosten en huurbijdrage wegens ontbreken medische noodzaak
Appellante, erkend als vervolgde in de zin van de Wuv, verzocht om een voorziening voor verhuis- en inrichtingskosten en een huurbijdrage vanwege haar psychische klachten en een voorgenomen verhuizing naar een flatwoning met lift. Eerder verzoek in 2006 was al afgewezen. Na nieuwe aanvragen in 2011 weigerde verweerder deze voorzieningen opnieuw omdat de toename van psychische klachten niet voldeed aan de criteria voor medische noodzaak.
Appellante stelde dat haar oude woning op de tweede etage met een steile trap voor haar vrienden onbereikbaar was, wat leidde tot vereenzaming, en dat haar psychisch welzijn was verbeterd door de verhuizing. Zij overlegde verklaringen van vrienden ter ondersteuning.
De Raad stelde op basis van het advies van de geneeskundig adviseur vast dat de medische situatie geen noodzaak tot verhuizing gaf. Sociale factoren waren onvoldoende voor toekenning van de voorzieningen. Appellante was op het moment van verhuizing nog in staat de trap te gebruiken, waardoor ook geen niet-causale medische noodzaak bestond.
De Raad verklaarde het beroep ongegrond en wees het verzoek om een proceskostenveroordeling af. De uitspraak werd gedaan door B.J. van de Griend op 11 april 2013.
Uitkomst: Het beroep van appellante is ongegrond verklaard en de voorzieningen verhuis- en inrichtingskosten en huurbijdrage zijn geweigerd wegens het ontbreken van medische noodzaak.