ECLI:NL:CRVB:2013:BZ7328
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- Rechtspraak.nl
Beëindiging Ziektewetuitkering na zorgvuldig medisch onderzoek bevestigd
Appellant was tot 1 augustus 2008 werkzaam als transporteur en meldde zich op 1 juli 2010 ziek vanuit een uitkeringssituatie. Het UWV kende hem een Ziektewetuitkering toe, die per 10 december 2010 werd beëindigd omdat appellant niet langer ongeschikt werd geacht voor arbeid.
Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit, maar het UWV verklaarde dit ongegrond. De rechtbank bevestigde dit oordeel en hechtte beslissende waarde aan de medische onderzoeken van de primaire arts en de bezwaarverzekeringsarts, die rekening hielden met de door appellant genoemde rug- en psychische klachten.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat het medisch onderzoek zorgvuldig en verantwoord is uitgevoerd en dat appellant geen nieuwe medische gegevens heeft overgelegd die het oordeel van de bezwaarverzekeringsarts ondermijnen. Daarom wordt het hoger beroep afgewezen en de eerdere uitspraak bevestigd. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de beëindiging van de Ziektewetuitkering na zorgvuldig medisch onderzoek.