ECLI:NL:CRVB:2013:BZ7382
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag bijzondere bijstand voor vervanging bankstel na vijf jaar
Appellante, die sinds 2003 bijstand ontvangt, vroeg bijzondere bijstand aan voor de aanschaf van een nieuw bankstel. Eerder had zij in 2004 al bijzondere bijstand ontvangen voor de aanschaf van een bankstel van €499. In 2010 diende zij een aanvraag in voor bijzondere bijstand voor een nieuw bankstel van €800, welke door het college werd afgewezen omdat de noodzaak tot vervanging niet kon worden vastgesteld.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen deze afwijzing ongegrond. Appellante ging in hoger beroep, maar de Raad onderschreef het oordeel van de rechtbank. Appellante had het oude bankstel al verwijderd voordat de aanvraag werd ingediend, waardoor het college niet kon controleren of vervanging noodzakelijk was. Het college hanteert de vaste praktijk om bij aanvragen voor duurzame gebruiksgoederen een huisbezoek af te leggen om de staat van het oude goed te beoordelen.
Appellante kon niet aantonen dat het bankstel versleten was of aan vervanging toe. Haar argument dat zij niet wist dat zij het bankstel niet mocht verwijderen en dat geen huisbezoek was afgelegd, faalde. Ook werd geoordeeld dat zij niet nogmaals op deze punten had hoeven worden gewezen, mede omdat zij werd bijgestaan door een professioneel rechtshulpverlener. Het verzoek om vergoeding van schade en rente werd eveneens afgewezen.
Uitkomst: De aanvraag bijzondere bijstand voor vervanging van het bankstel wordt afgewezen omdat de noodzaak niet aannemelijk is gemaakt.