ECLI:NL:CRVB:2013:BZ8063
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- C.W.J. Schoor
- F.J.L. Pennings
- Rechtspraak.nl
Beoordeling begeleiding en arbeidsongeschiktheid bij weigering Wajong-uitkering
Appellante heeft bij het UWV een aanvraag ingediend voor een Wajong-uitkering, die is geweigerd omdat zij niet 52 weken onafgebroken arbeidsongeschikt was en in staat werd geacht gangbare arbeid te verrichten. De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond, waarbij werd vastgesteld dat de bezwaarverzekeringsarts voldoende beperkingen had aangenomen in de aangepaste Functionele Mogelijkheden Lijst (FML), met name op het aspect begeleiding.
In hoger beroep heeft appellante aangevoerd dat onvoldoende rekening is gehouden met haar beperkingen, vooral wat betreft begeleiding, en dat functies ten onrechte passend zijn bevonden. De Raad heeft overwogen dat de bezwaarverzekeringsarts een passende begeleidingsvorm heeft voorgesteld, namelijk begeleiding door een jobcoach met kennis van het autistisch spectrum, gevolgd door begeleiding door een leidinggevende. Intensieve, permanente begeleiding is niet noodzakelijk gebleken.
De Raad heeft de rapportages van de psychologe en de bezwaarverzekeringsarts betrokken en geoordeeld dat de behoefte aan begeleiding niet objectief is aangetoond in die mate dat het UWV onjuiste beperkingen heeft vastgesteld. Appellante heeft bovendien een academische opleiding afgerond, wat haar functioneren ondersteunt.
Daarom is het hoger beroep ongegrond verklaard en is de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de Wajong-uitkering bevestigd.