ECLI:NL:CRVB:2013:BZ9818
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- B.J. van de Griend
- J. Th. Wolleswinkel
- H.A.A.G. Vermeulen
- Rechtspraak.nl
Vernietiging ontslagbesluit wegens niet-toerekenbaar plichtsverzuim en onvoldoende verbeterkans
Appellant was medewerker Extramurale Detentie en kreeg een onvoorwaardelijk strafontslag opgelegd vanwege vermeend plichtsverzuim, waaronder het niet melden van telefonische meldingen van ADT tijdens zijn piketdienst. Na een uitgebreid disciplinair traject werd het ontslagbesluit gehandhaafd door de rechtbank.
In hoger beroep stelde appellant dat hij zich de telefonische meldingen niet kon herinneren vanwege een depressieve stoornis en medicatiegebruik. De Raad vroeg een deskundigenrapport aan, dat concludeerde dat geheugenklachten mogelijk het gevolg waren van de depressieve stoornis, maar niet van medicatie. De Raad oordeelde dat het plichtsverzuim niet toerekenbaar was aan appellant.
Daarnaast oordeelde de Raad dat het subsidiaire ontslag wegens ongeschiktheid niet standhield, omdat appellant geen reële kans op verbetering had gekregen en de minister onvoldoende aandacht had besteed aan de zienswijze van appellant en mogelijke medische oorzaken van tekortkomingen.
De Raad vernietigde het primaire en subsidiaire ontslagbesluit, bevestigde het overige van de aangevallen uitspraak, en veroordeelde de minister tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan appellant.
Uitkomst: Het onvoorwaardelijke strafontslag en het subsidiaire ontslag worden vernietigd wegens niet-toerekenbaar plichtsverzuim en onvoldoende verbeterkans.