ECLI:NL:CRVB:2013:CA0073
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.F. Bandringa
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening en terugvordering bijstand wegens schending inlichtingenverplichting bij hennepkwekerij
Appellant ontving bijstand en had een hennepkwekerij in zijn woning, die hij niet aan het college meldde, waardoor het recht op bijstand niet kon worden vastgesteld. Het college herzag de bijstand en vorderde terugbetaling van € 8.708,14, en legde een maatregel van 100% verlaging van bijstand gedurende een maand op.
Appellant voerde psychische problemen aan waardoor hij geen weerstand kon bieden aan druk, maar kon dit niet met medische stukken onderbouwen. Zijn verklaring bij de politie toonde vrijwillige instemming met het opzetten van de kwekerij. Ook stelde appellant dat hij geen inkomsten had genoten, maar dat werd verworpen op grond van vaste rechtspraak.
De Raad oordeelde dat het college terecht de bijstand kon herzien en terugvorderen, en dat de maatregel proportioneel was gezien de ernst van de schending. De bezwaren van appellant, waaronder angst voor wraakacties en de gevolgen van terugvordering, werden niet aannemelijk gemaakt. De aangevallen uitspraak van de rechtbank werd bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de herziening, terugvordering en maatregel wegens schending van de inlichtingenverplichting door appellant.