ECLI:NL:CRVB:2014:1228
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijstandsaanvraag wegens schending inlichtingenverplichting over verblijfplaats
Appellant vroeg bijstand aan op grond van de WWB en gaf daarbij op dat hij als dakloze in zijn auto op diverse locaties verbleef. Medewerkers van de gemeente controleerden of appellant op deze locaties aanwezig was, maar troffen hem en zijn auto niet consistent aan. Tijdens een telefoongesprek gaf appellant onjuiste informatie over de locatie van zijn auto.
Het college wees de bijstandsaanvraag af vanwege schending van de inlichtingenverplichting, omdat appellant geen juiste en volledige informatie over zijn verblijfplaats had verstrekt. De voorzieningenrechter verklaarde het beroep ongegrond, en appellant ging in hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep.
De Raad oordeelde dat appellant onvoldoende controleerbare gegevens over zijn verblijfplaats had verstrekt, wat essentieel is voor het vaststellen van het recht op bijstand. De stellingen van appellant over onzorgvuldigheid van de controle en communicatie werden verworpen. Het hoger beroep werd afgewezen en het verzoek tot schadevergoeding werd eveneens afgewezen.
Uitkomst: De afwijzing van de bijstandsaanvraag wegens schending van de inlichtingenverplichting wordt bevestigd.