ECLI:NL:CRVB:2014:1260
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.F. Bandringa
- H.C.P. Venema
- G.M.G. Hink
- Rechtspraak.nl
Bevestiging verlaging bijstand wegens schending inlichtingenverplichting over werkzaamheden
Appellant ontving bijstand op grond van de WWB en verklaarde werkzaamheden als trainer bij een voetbalvereniging te verrichten. Hoewel hij meldde vrijwilligerswerk te doen, bleek uit onderzoek dat hij een overeenkomst van opdracht had waarbij hij maandelijks € 750 kon declareren. Deze overeenkomst meldde appellant niet aan het dagelijks bestuur, wat een schending van de inlichtingenverplichting vormt.
Het dagelijks bestuur besloot de bijstand over de periode juli tot en met september 2011 te herzien en het ten onrechte ontvangen bedrag terug te vorderen. Tevens werd de bijstand per januari 2012 voor één maand met 15% van het benadelingsbedrag verlaagd. Appellant voerde aan dat hij de overeenkomst mondeling had opgezegd en betwistte de hoogte van de maatregel.
De Raad oordeelde dat het niet melden van de opdrachtovereenkomst en het niet melden van de opzegging daarvan de inlichtingenverplichting schendt. De verlaging van de bijstand was in overeenstemming met de geldende Maatregelenverordening. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De verlaging van de bijstand met 15% van het benadelingsbedrag wegens schending van de inlichtingenverplichting wordt bevestigd.