Uitspraak
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- bevestigt de aangevallen uitspraak;
- veroordeelt appellant in de proceskosten van betrokkene in hoger beroep tot een bedrag van
Centrale Raad van Beroep
Betrokkene ontving naast bijstand studiefinanciering, welke zij niet meldde, waardoor een maatregel van 100% verlaging van bijstand werd opgelegd wegens schending van de inlichtingenplicht. De rechtbank matigde deze maatregel naar 30% vanwege haar persoonlijke omstandigheden en de terugvordering van studiefinanciering, waardoor zij feitelijk geen inkomen had genoten.
Appellant ging in hoger beroep tegen deze matiging, stellende dat de maatregel proportioneel was en de schending ernstig. De Raad oordeelde dat de maatregel inderdaad terecht was opgelegd, maar dat op grond van artikel 18 WWB Pro en de afstemmingsverordening van Rotterdam afwijking van de standaardmaatregel mogelijk is.
De Raad nam mee dat betrokkene de Nederlandse taal onvoldoende beheerste, psychische problemen had, en de studiefinanciering moest terugbetalen. Deze omstandigheden en de mate van verwijtbaarheid rechtvaardigden de matiging. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de proceskosten werden aan appellant opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de matiging van de maatregel van 100% naar 30% vanwege persoonlijke omstandigheden en verwijtbaarheid.