ECLI:NL:CRVB:2014:3425
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Riphagen
- Rechtspraak.nl
Beëindiging Ziektewetuitkering na zorgvuldig medisch onderzoek bevestigd
Appellant, voormalig heftruckchauffeur, ontving een Ziektewetuitkering wegens rug-, onderbuik- en heupklachten. Het UWV beëindigde deze uitkering per 22 maart 2012 op grond van het oordeel dat appellant weer geschikt was voor zijn maatgevende arbeid.
De rechtbank Rotterdam verklaarde het beroep van appellant tegen deze beëindiging ongegrond, omdat het medisch onderzoek zorgvuldig was en de conclusie dat appellant geschikt was voor arbeid kon worden gedragen. Appellant voerde in hoger beroep aan dat hij vanwege trillingen bij heftruckwerk niet geschikt was en bracht aanvullende medische stukken in.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het onderzoek door de verzekeringsarts zorgvuldig was en dat de aanvullende medische informatie onvoldoende aanknopingspunten bood om aan de juistheid van het UWV-standpunt te twijfelen. De medische stukken betroffen deels data na de relevante datum en toonden geen relevante beperkingen op die datum.
De Raad bevestigde daarom het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank, en wees een nader medisch onderzoek af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de beëindiging van de Ziektewetuitkering per 22 maart 2012 wegens geschiktheid voor arbeid.