ECLI:NL:CRVB:2014:3634
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herhaalde bijstandsaanvraag wegens onvoldoende wijziging omstandigheden
Appellant heeft zich op 20 juni 2012 gemeld voor een bijstandsaanvraag, die door het college van burgemeester en wethouders van Hoogezand-Sappemeer is afgewezen vanwege voortgezette werkzaamheden voor zijn voormalige bedrijf. Na een eerdere afwijzing vroeg appellant opnieuw bijstand aan op 13 november 2012. Het college voerde een huisbezoek uit op 25 januari 2013, waarbij werd vastgesteld dat appellant nog steeds betrokken was bij het bedrijf. Dit leidde tot een nieuwe afwijzing van de aanvraag.
De rechtbank Noord-Nederland verklaarde het beroep tegen deze afwijzing ongegrond, stellende dat appellant onvoldoende had aangetoond dat er een relevante wijziging in zijn omstandigheden was opgetreden sinds de eerdere afwijzing. Appellant voerde in hoger beroep aan dat hij zijn bedrijf had overgedragen en slechts overdrachtswerkzaamheden verrichtte, en dat zijn advocaat ten onrechte niet was uitgenodigd bij het huisbezoek.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat de periode van beoordeling liep van 13 november 2012 tot 25 januari 2013 en dat het op appellant rustte om aan te tonen dat er een relevante wijziging was. De Raad vond de verklaring van appellant over de beladen aanhangwagen ongeloofwaardig en verwierp het bezwaar over het ontbreken van de advocaat bij het huisbezoek. De Raad bevestigde daarmee het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de afwijzing van de herhaalde bijstandsaanvraag wegens onvoldoende wijziging van omstandigheden.