ECLI:NL:CRVB:2014:3793
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.F. Bandringa
- M. Hillen
- G.M.G. Hink
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijstandsaanvraag wegens niet-nakomen inlichtingenverplichting en onduidelijke financiële situatie
Appellante heeft op 1 juni 2011 bijstand aangevraagd, maar het dagelijks bestuur wees de aanvraag af vanwege een gezamenlijke huishouding met haar ex-vriend. Na intrekking van dit besluit werd het onderzoek hervat, waarbij appellante aanvullende gegevens moest aanleveren. Ondanks enkele overgelegde documenten en verklaringen bleef onduidelijk hoe zij haar levensonderhoud financierde.
Tijdens een huisbezoek werd een hennepkwekerij in haar woning aangetroffen, wat zij later toegaf te gebruiken om haar kinderen te onderhouden en huur te betalen. Appellante verstrekte echter onvolledige en tegenstrijdige informatie over leningen en inkomsten, en gaf geen verklaring over de financiering van de hennepkwekerij.
De Raad oordeelde dat appellante niet voldeed aan haar wettelijke inlichtingenverplichting, waardoor het recht op bijstand niet kon worden vastgesteld. Het beroep op het vertrouwensbeginsel werd verworpen omdat geen ondubbelzinnige toezegging was gedaan. Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de bijstandsaanvraag bevestigd.