ECLI:NL:CRVB:2014:4070
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- Rechtspraak.nl
Bevestiging stopzetting Ziektewetuitkering wegens arbeidsgeschiktheid
Appellante was van november 2010 tot november 2011 werkzaam als [naam functie A] en meldde zich in december 2011 ziek. Het UWV besloot per 21 februari 2012 de Ziektewetuitkering te beëindigen omdat appellante volgens medisch onderzoek weer arbeidsgeschikt was. De rechtbank verklaarde het beroep van appellante tegen dit besluit ongegrond.
In hoger beroep stelde appellante dat zij vanwege pijnklachten door een fractuur in 2009 ongeschikt bleef voor arbeid en dat het UWV dit niet medisch voldoende had onderbouwd. De Raad oordeelde dat de verzekeringsarts bezwaar en beroep de medische situatie zorgvuldig had beoordeeld, inclusief recente specialistische rapporten, en dat deze onderbouwing voldoende was om de arbeidsgeschiktheid vast te stellen.
De Raad concludeerde dat het UWV appellante terecht als arbeidsgeschikt heeft aangemerkt per 22 februari 2012 en bevestigde daarmee het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank. Het hoger beroep werd verworpen en de proceskosten werden niet toegewezen.
Uitkomst: De stopzetting van de Ziektewetuitkering per 22 februari 2012 wordt bevestigd omdat appellante toen arbeidsgeschikt was.