ECLI:NL:CRVB:2014:4105
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- Rechtspraak.nl
Bevestiging verlaging bijstand wegens onvoldoende nakomen arbeidsverplichtingen
Appellant ontvangt bijstand volgens de WWB en kreeg arbeidsverplichtingen opgelegd. Hij verscheen niet op afspraken voor het maken en voorbereiden van een video cv, ondanks herhaalde uitnodigingen en pogingen tot contact vanuit het college.
Het college verlaagde daarom de bijstand met 30% voor een maand wegens onvoldoende nakomen van arbeidsverplichtingen. Appellant voerde aan dat hij niet verwijtbaar was vanwege het overlijden van naaste familieleden en rouwverwerking, en dat het maken van de video cv zijn kansen zou schaden.
De Raad oordeelde dat appellant op het moment van de afspraken bekend was met de verplichtingen en dat het niet verschijnen niet zonder verwijt was, mede omdat appellant pas later medische problemen en het overlijden meldde. Het besluit tot verlaging is daarom terecht en niet onredelijk.
Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er worden geen proceskosten toegewezen.
Uitkomst: De verlaging van de bijstand met 30% gedurende een maand wegens onvoldoende nakomen van arbeidsverplichtingen wordt bevestigd.