ECLI:NL:CRVB:2014:753
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstand wegens niet-naleving inlichtingenplicht en vermogenstoets
Appellant ontving bijstand vanaf 2004 en kreeg vanaf oktober 2010 een ouderdomspensioen. Na een signaal van de Sociale verzekeringsbank over autobezit startte de gemeente een onderzoek. Hieruit bleek dat appellant meerdere auto’s bezat en verkocht, maar niet aan de inlichtingenplicht voldeed.
Het dagelijks bestuur trok de bijstand per 1 maart 2010 in en vorderde de kosten terug over maart tot september 2010, met een boete van 10% van het benadelingsbedrag. De rechtbank vernietigde deze besluiten voor de periode van 1 maart tot 30 juli 2010 en beperkte de terugvordering tot € 2.169,84.
In hoger beroep betoogde appellant dat de waarde van zijn auto lager was dan vastgesteld, onderbouwd met advertenties en keuringsrapporten. De Raad oordeelde dat appellant onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat de auto minder waard was dan de door het dagelijks bestuur gehanteerde koerslijsten van ANWB/BOVAG.
De Raad bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank en wees het hoger beroep af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de vernietiging van de bijstandsintrekking en terugvordering over maart tot juli 2010 wegens onvoldoende bewijs van lagere autowaarde door appellant.