Uitspraak
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- bevestigt de aangevallen uitspraak;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Centrale Raad van Beroep
Appellante ontving sinds 6 mei 2000 bijstand op grond van de WWB. Naar aanleiding van een melding dat zij werkzaamheden verrichtte in een café te Rotterdam, voerde de afdeling bijzondere onderzoeken van de gemeente Rotterdam een onderzoek uit. Dit leidde tot het besluit van het college om de bijstand over de periode april tot en met november 2010 gedeeltelijk in te trekken en de kosten van bijstand terug te vorderen.
Appellante voerde in bezwaar en hoger beroep aan dat zij geen werkzaamheden had verricht en dat de waarnemingen onvoldoende waren om dit te concluderen. De Raad oordeelde echter dat de waarnemingen toereikend waren: appellante werd meerdere malen achter de bar gezien terwijl zij klanten hielp, wat in de normale bedrijfsvoering van een café past. Het ontbreken van een reguliere beloning deed hieraan niet af.
De Raad stelde vast dat appellante de wettelijke inlichtingenverplichting had geschonden door deze werkzaamheden niet te melden, waardoor het recht op bijstand niet kon worden vastgesteld. Omdat appellante geen nadere informatie gaf over de omvang van haar werkzaamheden, was het niet mogelijk om een eventueel aanvullend recht op bijstand vast te stellen. De Raad bevestigde daarom het bestreden besluit tot intrekking en terugvordering van de bijstand en wees het verzoek om schadevergoeding af.
Uitkomst: De intrekking en terugvordering van bijstand worden bevestigd vanwege schending van de inlichtingenverplichting; het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.