ECLI:NL:CRVB:2015:1060
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WIA-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen het besluit van het UWV waarin werd vastgesteld dat hij geen recht heeft op een WIA-uitkering omdat hij minder dan 35% arbeidsongeschikt is per 10 augustus 2012. De rechtbank had het beroep van appellant ongegrond verklaard en de Centrale Raad van Beroep bevestigt deze uitspraak.
Appellant voerde aan dat in de Functionele Mogelijkhedenlijst (FML) onvoldoende rekening was gehouden met zijn psychische en lichamelijke klachten, waaronder rechtervoetklachten door jicht, knie- en rugklachten, schildklierproblemen, oogverlies en psychische klachten zoals depressie en agressie. Hij stelde dat de geselecteerde functies niet passend waren.
De Raad acht de medische rapporten van de verzekeringsartsen en de arbeidsdeskundigen deugdelijk en gemotiveerd. De FML geeft een juist beeld van de beperkingen van appellant op de datum in geding. De door appellant overgelegde medische informatie leidt niet tot twijfel aan de juistheid van het standpunt van het UWV. De geselecteerde functies zijn passend geacht en het hoger beroep wordt verworpen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en de weigering van de WIA-uitkering wordt bevestigd.